KoefnoenNielson en zelfs Kinderen voor Kinderen zijn niet veilig voor het oordeel van De snijtafel, een internetvideoserie waarin Kasper C. Jansen en Michiel Lieuwma onderdelen uit de populaire cultuur met de grond gelijk maken. ‘De heersende cultuur is gewoon niet zo intelligent.’

https://www.ans-online.nl/component/tags/tag/de-snijtafel

Tekst: Anne van Veen
Foto’s: Elise Talsma

‘Het is allemaal flauwekul, vers van de pers, flauwekul van nu!’, zegt Kasper C. Jansen tegen Michiel Lieuwma terwijl ze in een nonchalante houding achter hun bureau zitten. ‘Dat had Matthijs van Nieuwkerk moeten zeggen, in plaats van de opening dat hij vandaag een belangrijk gesprek gaat hebben over een belangrijk onderwerp.’ Met deze conclusie wordt de aflevering afgesloten en is er weer een onderdeel van de populaire cultuur met de grond gelijk gemaakt. In een simpele video van ongeveer 20 minuten neemt het duo Carice van Houten en Halina Reijn tijdens de presentatie van hun boek Antiglamour in De Wereld Draait Door onder de loep. Het tweetal legt de vinger precies op de zere plek en met onderbouwde meningen wordt het fragment soms op een komische manier zin voor zin bekritiseerd. Jansen en Lieuwma noemen dit concept De snijtafel, een internetvideoserie waarvan iedere maand op YouTube een aflevering verschijnt. Hierin houdt het duo de kijkers een spiegel voor. Sinds vier maanden werken ze voor De Correspondent, een dagelijks medium dat inzichten biedt in hedendaagse onderwerpen, en worden er steeds meer onderdelen van de populaire Nederlandse cultuur terechtgewezen. ANS ondervroeg Jansen en Lieuwma over de beweegredenen achter het starten van deze zure serie en hun kijk op de hedendaagse populaire cultuur. Gewoon kut In eerste instantie lijken Jansen en Lieuwma lichtelijk verlegen, maar zodra ze over hun project kunnen vertellen, komt het enthousiasme dat ook te zien is in de afleveringen naar voren. Het tweetal is goed op elkaar afgestemd en de mannen vullen elkaar perfect aan. Lieuwma steekt van wal door te vertellen dat hij van kinds af aan al stevige kritiek had op de liedjes, bands en films die toen populair waren. ‘Toen ik nog een tiener was, kon ik deze kritiek niet goed verwoorden. Ik vond alles gewoon kut. Ik had veel minachting voor de Nederlandse cultuur en dacht dat deze niet meer te redden was. Tegenwoordig heb ik door meer kennis en financiële middelen betere toegang tot bepaalde literatuur of toneelgezelschappen en ben ik bepaalde aspecten van de cultuur meer gaan waarderen. Frustraties ontstaan omdat een groot publiek hier geen kennis mee maakt, maar door het starten van deze serie krijgen de goede onderdelen een beetje meer ruimte.’ Jansen luistert geduldig naar het verhaal van zijn collega en denkt lang na voordat hij zijn verhaal formuleert. Hij kiest zijn woorden zorgvuldiger dan Lieuwma, maar het tweetal heeft nagenoeg dezelfde mening: ‘Deze rommel is niet specifiek voor de Nederlandse cultuur. De heersende cultuur, datgene waar de mensen van houden, is nooit echt intelligent, omdat mensen gewoon niet heel slim zijn.’ Het tweetal behandelt niet alle populaire cultuur in hun programma. Een belangrijk onderscheid dat Jansen en Lieuwma maken, is dat ze alleen onderdelen bespreken die iets anders zijn dan ze op het eerste gezicht lijken. Lieuwma: ‘We behandelen bijvoorbeeld geen nummers van Frans Bauer, want we weten gewoon wat dat is’. Lieuwma doet veel moeite zijn uitleg voort te zetten zonder het woord dom te gebruiken, maar wanneer Jansen terecht vermeldt ‘ja, dat is gewoon dom’, stemt Lieuwma hier uiteindelijk mee in: ‘Oké, het is dom, maar dan is er nog niks aan de hand, want de pretentie van deze liedjes staat in balans met de prestatie. Waar wij ons aan storen is cultuur die zich voordoet als hoge kunst, maar eigenlijk van hetzelfde niveau is als die van Frans Bauer, het gaat totaal om je anders voor doen dan je bent.’ Daarnaast heeft het tweetal de voorkeur voor onderwerpen die de kenmerken populair, elitair en problematisch combineren. Lieuwma: ‘Koefnoen is hier een goed voorbeeld van. Koefnoen noemt zichzelf goede satire, terwijl het in mijn ogen een soort André van Duin-humor is. Hiermee wil ik absoluut Van Duin niet minachten, ik vind hem een bekwaam vakman. Problematisch is alleen dat Koefnoen doet alsof het linkse elitaire Van Kooten en de Bie-satire maakt, terwijl het eigenlijk onderbroekenlol is. Mensen worden zo voor de gek gehouden en dat maakt het voor ons interessant.’ 

De snijtafel

Optimisten Zowel Jansen als Lieuwma hebben een taalgerelateerde studie gevolgd en zijn nog steeds werkzaam in dit gebied. Door deze achtergrond zijn ze beiden in staat zinnen op een juiste manier te ontleden en hier dan een onderbouwd oordeel over te vellen. Ook al kunnen de afleveringen vooraf lijken op gezeur, na afloop bemerk je altijd een kern van waarheid in de gemaakte conclusie. Het doel dat het tweetal met hun serie voor ogen hebben is het blootleggen van de heersende cultuur in Nederland. Lieuwma: ‘De slechte delen moeten worden weggefilterd, zodat de goede cultuur zichtbaar wordt.’ Volgens Jansen moet populaire cultuur te allen tijde op de hak worden genomen, om aan te tonen dat er altijd wel iets aan mankeert: ‘Ik denk dat elke cultuur zijn blinde vlekken heeft, zijn drogredenen en zijn pathologie. Het is aan de intellectuelen, satirici, cabaretiers en schrijvers om dit aan te tonen en dat proberen we met De snijtafel ook enigszins te doen.’ Jansen vindt zichzelf ondanks alles optimistisch: ‘We noemen het beestje bij de naam en hopen dat genoeg mensen naar ons luisteren, zodat er iets kan veranderen. Ik heb niet de naïviteit om te denken dat dit lukt, maar dat is wel de insteek.’ Het duo krijgt steeds meer bekendheid en kan zelf ook bijna tot de populaire cultuur worden gerekend. Lieuwma: ‘Deze cultuur is natuurlijk niet ronduit slecht, het is prima mogelijk voor goede producten om door te breken.’ Voorbeelden van goede producten die de heren geven zijn South Park, Pixar, maar ook Hans Teeuwen en Jiskefet worden genoemd. Jansen: ‘We zijn populair als je kijkt naar wat we doen, maar vergeleken met bijvoorbeeld Nielson, stelt dit niet veel voor.’ Het tweetal vertelt dat ze uitnodigingen van meerdere media hebben afgewezen, omdat ze bang zijn voor te veel bemoeienis. ‘Dan zouden we worden waar we ons juist aan ergeren.’ Door bijvoorbeeld bij BNN te gast te zijn, zou De snijtafel in één klap bekend kunnen worden, maar daar draait het bij de heren niet om. Deze media-aandacht blijken ze, kijkend naar de views van de YouTube-filmpjes, ook niet nodig te hebben. Het lukt het tweetal via de huidige weg ook aardig om de massa te bereiken en hun opvattingen te delen. Foute etiketten Jansen en Lieuwma worden regelmatig bij evenementen uitgenodigd om de gasten tussen de serieuze optredens door even aan het lachen te maken. ‘Dit vinden wij een grote belediging’, aldus Jansen. Hij vertelt dat ze beiden absoluut niet in het rijtje van grappenmakers geplaatst willen worden. Lieuwma: ‘Ondanks dat dit niet ons doel van de serie is, kan ik begrijpen dat De snijtafel grappige onderdelen bevat. Dit komische aspect komt vanzelf, omdat het vermakelijk is om keer op keer aan te tonen dat iets niet klopt. De aflevering waarin we het tv-programma Nederland van boven behandelen, is hier een goed voorbeeld van. Tijdens deze bespreking constateren we een aantal keer dat er helemaal niet van boven wordt gefilmd, wat een melige sfeer oplevert.’ Jansen knikt eenstemmig en vult dit aan door te vertellen dat humor wel een middel is: ‘Kritiek wordt beter verteerbaar als die gepaard gaat met humor.’ Naast het humoristische aspect zijn de heren het vaker oneens met de benamingen die worden gekoppeld aan De snijtafel. ‘Onze afleveringen worden soms analyses genoemd, terwijl dat zou duiden op het geven van feiten. Het is eigenlijk stuitend dat wanneer we in Nederland een goed onderbouwde mening horen, we dit direct koppelen aan feiten’, vertelt Jansen licht verontwaardigd. Dit is niet de enige verkeerde benaming van het tweetal, zo komt Jansen vlot met het volgende foute etiket: een cynisch duo. ‘Ik ben het er absoluut niet mee eens dat we cynisch worden genoemd. Mij is ooit verteld dat De Wereld Draait Door van een laag niveau is, omdat het programma voor een groot publiek moet zijn. Kijk, dat vind ik nou cynisch.’ Lieuwma deelt deze mening en vertelt fanatiek: ‘Wij zeggen juist dat een populair programma niet van lage kwaliteit hoeft te zijn. We nemen de onderwerpen die we bespreken erg serieus door er goed naar te kijken en dan een oordeel te vellen. Dat er dan niks van overblijft is wel een vorm van cynisme te noemen, maar we starten vanuit betrokkenheid. Ik neem bijvoorbeeld BLØF zodanig serieus, dat we hun liedteksten behandelen en vertellen dat deze uit onzin bestaan. Eigenlijk vind ik dat best sympathiek van mezelf.’