Nederlandse liedjes die veel mensen mooi vinden, maar eigenlijk heel slecht zijn. Tenminste, als je goed naar de teksten kijkt. Het fileren van die liedjes is de specialiteit van de geboren Brabanders Kasper Jansen en Michiel Lieuwma. Hun videoserie De snijtafeltrekt hoge kijkcijfers op YouTube.

door Frank van den Muijsenberg, november 2013

Twee mannen, een videocamera en de tekst van een lied. Meer is niet nodig voor een reeks amusante annex leerzame filmpjes, bewijzen Michiel Lieuwma en Kasper C. Jansen. Met de precisie van laboranten storten zij zich op hun zelfbedachte taak: het analyseren van Nederlandstalige (pop)nummers. Met de nodige ironie, dat vooral. De Utrechtse Brabanders hebben onder de titel De snijtafelop YouTube een reeks video’s met hun commentaar geplaatst. De serie is een succes: zo trok hun analyse van het Koningslied, meer dan 150.000 kijkers.

Een van de slachtoffers is Brabantvan Guus Meeuwis, uitgegroeid tot het officieuze volkslied van de provincie. De Tilburger bezingt dat hij in een ‘te stille stad’ loopt, die overduidelijk niet in Brabant ligt. Hij mist de aanspraak van mensen met een zachte G. „Ik zou die tekst prima vinden als Meeuwis het lied zelf met een zachte G zong”, vindt Jansen, net als zijn kompaan afgestudeerd aan de theaterschrijfopleiding van de Hogeschool voor de Kunsten Utrecht (HKU). „Hij is namelijk een Brabander. Maar hij zingt het hele lied juist met een harde G. Hij heeft de zachte G afgeleerd om succes te hebben buiten Brabant. En nu verlangt hij terug naar de zachte G. Als hij zo trots is op Brabant, waarom zingt hij het lied dan met een harde G? Ik noem dat cultuurverraad.”

In het zuiden vol zon, woon ik samen met jou. Het is daarom dat ik zo van Brabanders hou’, beweert Meeuwis verderop. Hij houdt simpelweg alleen van de provincie omdat zijn vriendin er woont, concludeert Lieuwma, geboren en getogen in Valkenswaard en oud-inwoner van Eindhoven. „Het gaat niet echt om Brabant”, vindt Jansen. ‘De Peel en de Kempen en de Meierij, maar het mooiste aan Brabant ben jij, dat ben jij’.“Hij is nog nooit in de Peel, de Kempen en de Meierij geweest. Hij weet helemaal niet hoe het er daar uit ziet. Hij heeft gewoon een vriendinnetje in Brabant zitten, maar ligt vannacht alleen in bed. En wil bij haar in bed liggen.”

Conclusie: de man die is uitgegroeid tot een nationale ster -iemand die zelfs stadionconcerten geeft- is vervreemd van de regio. „Hij bezingt een romantisch ideaal van Brabant, dat niet bestaat. Terwijl hij niet met relevante informatie komt over wat wèl bestaat. Want daar heeft Meeuwis geen feeling meer mee. Hij kent dat Brabant niet eens.”

Het zijn gortdroge, ver doorgevoerde redenaties. Maar ze zijn allemaal raak, juist omdat het duo tot op het bot gaat. Neem bijvoorbeeld het even vaak verguisde als bewonderdeLiefs Uit Londen van Bløf. Als een mooi en groot geloof, aan de muur van mijn gedachten, hangt een wereldkaart te wachten. Tot ze terugkomt’, zingt Paskal Jakobsen in een tekst van bassist Peter Slager. 

Jansen: „Een muur van gedachten met een wereldkaart eraan. Het vergt het nodige, maar daar kan ik me nog iets bij voorstellen. De schrijver neemt echter geen genoegen met dat vrij absurde beeld. Die wereldkaart staat voor zoiets abstracts als een mooi en groot geloof aan de muur van zijn gedachten. Hij hangt er, totdat zij terugkomt. En áls zij terug is, moet er weer iets gebeuren met die wereldkaart. Door deze opeenstapeling van beelden, krijg ik moeite de tekst te begrijpen. Ik verdenk de schrijver ervan zand in de tandwielen van mijn geest te strooien. Zodat ik het niet meer begrijp. Dat frustreert mij: ik mág het niet snappen.”

Dit gevoel stond aan de basis van De snijtafel. De fundering legde Jansen drie jaar geleden, nadat hij samen met zijn neef de film Inceptionbezocht. „We vonden het allebei een hele slechte film. Wat ons vooral verbaasde: niemand anders leek hem slecht te vinden. Misschien durfden mensen niet toe te geven dat ze Inceptionniet snapten. En zeiden ze daarom dat ze hem goed vonden.” Een fascinerend fenomeen: „Cultuuruitingen die op de een of andere manier lof oogsten, zonder dat ze iets lijken te presteren. Maar wel moeiteloos naar de top gaan.”

Omdat ze zich ‘bijna verplicht’ voelden commentaar te geven op Inception, maakten ze een video waarin ze hun kritiek uitten. „Op YouTube kwam een discussie op gang. Toen zijn we meer films gaan bespreken.”

Michiel Lieuwma, die net als Jansen aan de HKU studeerde, moedigde de neven aan vooral door te gaan met hun filmanalyses. Ze nodigden hem uit, waarna het idee ontstond een liedtekst te ontrafelen. Liefs Uit Londenwas vorig jaar de eerste, inmiddels goed voor meer dan 31.000 kijkers. Een nieuwe serie was geboren. Inmiddels kregen onder anderen Marco Borsato (De Waarheid), Frank Boeijen (Kronenburg Park) en recentelijk Maaike Ouboter (Dat Ik Je Mis) de snijtafelbehandeling.

De strijd tegen quasi-literaire uitspattingen in de (Nederlandstalige) popmuziek is nog lang niet gestreden. Schrijvers van dergelijke teksten proberen critici de wind uit de zeilen te nemen door te beweren dat zij ‘poëzie maken’, stelt Lieuwma. „Een basale regel van poëzie is: met zo min mogelijk woorden, zoveel mogelijk zeggen. Sommige schrijvers willen echter met veel woorden verbloemen dat er niet zoveel te zeggen is. De maker van een slechte liedtekst denkt dat er altijd een kuub zand aan emoties ingeflikkerd moet worden. ‘Want dan gaat het lied vanzelf huilen’.” Jansen: „Wij gaan nooit tekeer tegen eenvoud, wèl tegen onnodige complexiteit.”

Als de schrijver veel bijvoeglijke naamwoorden gebruikt, gaan bij het duo de alarmbellen rinkelen. „Mooi, groot, eenzaam: het zijn woorden die een sluiproute nemen naar onze emotie. De auteur beschrijft geen details, nee, hij zegt gewoon: ‘Het was mooi. Zie je het?’ Dat vind ik zwak.” Hij citeert een gewraakte regel van Bløf nog maar eens: “Een mooi en groot geloof Stel je maar eens even een mooi geloof voor! De schrijver laat dat aan jou over: dat vind ik lui. Je geeft de lezer een woord en dan mag hij het zelf invullen.”

Aan de andere kant: de beste popteksten staan toch juist bol van de onzin? ‘Je mag alles met me doen, maar ga niet op mijn schoenen van blauw suède staan’ (uit de rock ‘n roll-klassieker Blue Suede Shoes).  Of: ‘Het eten werd koud en Janne Jansen werd heet en in de straat weerklonk zijn kreet: Kom van dat dak af!’.

Lieuwma: „Ik ben wel benieuwd naar dat verhaal van die blauwe schoenen. Die regels impliceren een hele geschiedenis. Het gaat ook om de pretentie: een nummer als  Kom Van Dat DakAf! (van Peter Koelewijn en zijn Rockets) is gewoon bedoeld om lekker te rocken: daar hoort een onzintekst bij. Geen probleem.” Ze richten zich niet op ongecompliceerde dans- en feestnummers, het gaat om de liedjes met (valse) pretenties. „Die mogen eraf geslagen worden.”

Bij het kiezen van de kandidaten hanteren ze de volgende criteria. „Hoe slecht is de tekst, hoe populair is het liedje? Het meest geschikte nummer is een lied waarover iedereen enthousiast is. Het komt al  jarenlang op de radio en wij vinden het verschrikkelijk slecht. We plukken de tekst van internet en maken aantekeningen. Daarover praten we niet met elkaar. We komen met onze bevindingen naar De snijtafelen zetten de camera aan. Dan praten we een uur over het lied, we gaan er regel voor regel doorheen.”

Aan Jansen de taak om het lange gesprek te monteren tot een kernachtige bespreking van maximaal tien minuten. Daar is hij gemiddeld vier dagen mee bezig, wat verklaart waarom ze niet elke week met een nieuwe video komen. Het publiek waardeert de doorwrochte referaten. „We krijgen zelden of nooit een goed doordacht weerwoord”, zegt de oud-Tilburger. „Als iemand ons niet leuk vindt, begint die over onze kapsels of zo. De weerstand komt van mensen die ons belachelijk willen maken, maar niet direct weten hoe ze ons met inhoudelijke argumenten aan de kant kunnen schuiven. We hebben het dus goed dichtgetimmerd.”

Een video waarin ze de loftrompet blazen, zien ze niet zitten. „Dan word ik dezelfde persoon als mijn vader, vroeger. ‘De muziek van tegenwoordig is niks, je moet hier eens naar luisteren.’ Het heeft iets missionaris-achtigs en die neiging heb ik niet.”

Natuurlijk hebben ze wel degelijk hun favorieten. Zoals gezegd: de mannen van De snijtafelhouden van eenvoudige doch doeltreffende teksten. Lieuwma noemt  Twee Meisjes, een zestienregelig liedje van Raymond van het Groenewoud. ‘Twee meisjes op het strand. Ze lezen modebladen. Ze kijken in het rond. Ze dromen van een prins (…). De dag brengt ouderdom. De nacht brengt vreemde uren. Het deken is zo zwaar. Een bladzijde slaat om.’

„Het lijkt een momentopname te zijn”, zegt Lieuwma. „Maar de tekst schetst in één beweging de vergankelijkheid van het vrouw-zijn. Beter kan bijna niet op Nederlandstalig gebied. We zijn ook fan geworden van de Amerikaanse band Sparks. Een liedje als I Married Myself bestaat uit een paar zinnetjes, waar alles in zit. Alle misgelopen relaties, verdriet, maar ook hoop. ‘Ik ben met mezelf getrouwd, ik ben heel gelukkig samen. Dit keer zal het eeuwig duren’. Die tekst is ultiem tragisch. Zo moet het!”